STOIES DAGBOEK

Rjims Blog

[naar lopende maand]


30 juni 2006

Je bent maar zo'n klein deeltje van het geheel. Denk eens aan alle mensen die je niet gekend hebt, aan alle mensen die nu leven en die je niet kent en aan alle toekomstige mensen die je nooit zult leren kennen En denk eens aan alles dat je al gemist hebt en dat je nog zult missen. En dan in je eigen leven: alle niet verstuurde brieven, de zelfs niet geschreven brieven, de niet gehoorde muziek, de niet gevoerde gesprekken, en niet gemaakte wandelingen, de niet gemaakte reizen, en alle onbenut gebleven kansen om de wereld te verbeteren.
En nu niet denken dat dit alles 'erg' is.

30 juni 2006

Voelen is altijd een gevolg van eerder denken. Meevoelen is dus ook een gevolg van eerder denken. Wat dacht je dan?
Wat zielig? Nee. Wat een ellende? Nee. Wat verschrikkelijk? Nee.
Of ja. Ja, dat denk je wel eens. Inderdaad. Medelijden. Je lijdt mee. Maar medelijden, ook met jezelf, dat is nergens goed voor. Maar maar zomaar laten gebeuren, al die dingen, zonder iets te voelen -- nee, nee, 't gaat om betrokkenheid, een mens staat niet op zichzelf, maakt deel uit van een geheel, een kosmopolitisch geheel, en ieder individu kan zich medeverantwoordelijk voelen (voelen, vinden) voor dat geheel en dat geheel bestaat dus uit al die individuen en al die individuen kunnen dus hun best doen voor het geheel en voor elkaar. Meevoelen is dus goed te onderbouwen: voelen is altijd een gevolg van eerder denken en soms of misschien vaak zitten er verstandige gedachten onder.
Zijn dit verstandige gedachten?
Wat zouden de oude stoïcijnen van deze ideeën vinden?
Geen idee.
Je gaat je eigen weg.

29 juni 2006

Maar is het een goed idee om die hele Stoa-weg af te lopen? Nee. Je maakt je eigen weg. Dit bijvoorbeeld: volgens de stoïcijnen is kwaadheid niet nodig, is hevig en langdurend verdriet overbodig, kan je jaloezie afschaffen, evenals concurrentie, bezitsdrang enzovoort, enzovoort. Prachtig toch? Hoe kan dat? Door dat niets in de buitenwereld van belang is. Het enige dat er toe doet is dat je zelf goed leeft, goed handelt. Mooi!
Maar.
Lijden is dus niet nodig, huh, huh?!
Dus.
Hoe zit het dan met medelijden?! Ha! Nu heb ik je. Afschaffen maar, dat medelijden? Nou inderdaad, medelijden is vaak erg bemoeierig, klef, vervelend, helemaal niet nodig. Je neemt die ander niet serieus. Ik hoef geen medelijden. Bah.
Maar als we het nu 'meevoelen' noemen?
Dan hebben we een probleem.
Want 'meevoelen' met anderen, zeg maar, als je dat prettiger vindt: solidariteit. Dat is toch iets heel belangrijks!
En Martha Nussbaum werkt dat helemaal uit in haar boek 'Upheavals of Thought, the Intelligence of Emotions'. (Wordt vervolgd...)

28 juni 2006

Dit was dit was een verloren dag een dag uit duizenden -- de wereld roept, van binnen zucht mijn hart en
harder roept nog een vogel in vrije vlucht. Voorbij
is de tijd dat ik dacht dat de dagen er waren voor mij

27 juni 2006

Voor een hsp (hoogsensibelpersoon) ruikt het altijd wel ergens naar bijvoorbeeld naar al wat bruinwordende appelschillen, dat was zo in de eerste trein in de trein daarna rook het naar chloor -- goor wc-schoonmaakmiddel, maar misschien was het parfum of aftershave.
Ook heeft een hsp snel last van harde geluiden en drukte van tientallen mobieltjes die afgaan en druk bediend worden, en ook last heeft een hsp van mensen die dicht achter haar aanlopen of mensen die haar aanstaren.
Die hinderlijk dicht achter haar lopen, die haar hinderlijk aanstaren.
Herstel: waarvan zij vindt (oordeel) dat ze te dicht achter haar lopen, dat ze haar te lang aanstaren.

26 juni 2006

Voor een hooggevoelig iemand is de Stoa een lange weg. Maar de uitdaging is groot, en aanleidingen zijn er vele.

25 juni 2006

Wat moet een hooggevoelig persoon met de extreem nuchtere filosofie van de Stoa...? Alles!

24 juni 2006

Langzamerhand begonnen zij het te leren. Begonnen zij beter naar elkaar te luisteren. Begonnen zij het af te leren zich aan elkaar te ergeren. Begonnen zij elkaar te groeten en aandacht voor elkaar te hebben. Langzamerhand verbeterde hun samenwerking.
Uiteindelijk waren zij zo ver dat ze er in slaagden grenzen open te stellen. (De wereld is immers van iedereen of eigenlijk beter gezegd van niemand.) Uiteindelijk hielden ze op met elkaar te controleren en commanderen. Zij gunden elkaar de vrijheid.
Er gleed wel eens iemand uit. Er ging wel eens iets mis. Dat werd dan zo goed mogelijk opgelost. Maar van de oplossingen werden geen wetten gemaakt, elk probleem was uniek, en zo was ook elke oplossing.

23 juni 2006

Zij had bijna haar fiets tegen de stoep gegooid, om er woest op te gaan staan dansen. Alles zat tegen, alles, echt alles! Nu weer die broek die bijna tussen de ketting kwam. Waar was die wasknijper dan ook, waarmee ze de onderkant van de rechterbroekspijp smaller kon maken? Daarvoor had ze altijd een wasknijper op zak. Altijd! Maar nu ineens niet! Gdvr%$#*$*!! En nog zo wat krachttermen. Het was het waard! De fiets bleef nog net heel. Zachtjes hoorde ze, heel ver weg in haar hoofd, een paar oude stoïcijnen lachen. Ze zag voor zich hoe het verhaal later in een boek zou staan, als er later zo'n boek zou zijn, zoals dat boek van Diogenes Laërtius, zoals dat boek vol staat met sterke verhalen.
'Ze wilde haar fiets kapotgooien omdat ze een wasknijper kwijt was.'

22 juni 2006

En alsof het allemaal zo leuk en zo aardig en zoooo gemakkelijk zou zijn. Nee! En alsof zij er beter in zou zijn dan anderen. Nee! nee! En alsof anderen van haar zouden kunnen leren. Nee! Of misschien toch. Want iedereen kan van een ander leren. En iedereen kan van zichzelf leren. En zelf kon ze in ieder geval veel van zichzelf leren. Van haar verleden: hoe het niet moet. Hoe het wel kan. Hoe te genieten. Hoe, o, hoe af te leren verontwaardigd te zijn over de tijd, waarvan zij steeds weer denkt er over te kunnen beschikken.
Nee, dat afleren is niet zoooo gemakkelijk.

20 juni 2006

Stoa leuk en aardig zei ze maar het is allemaal zo individueel, apolitiek. Wat zeg je, 'het individu vormt de basis, daar komt alles vandaan ook het niet-individuele', ja leuk bedacht. 'Voor een betere = socialere samenleving is het nodig dat individuen leren samenwerken', jaja. 'Samenwerken gaat stukken beter als individuen niet geplaagd worden.' Geplaagd haha zei ze, maar ze was toch nieuwsgierig en vroeg: geplaagd, waardoor? 'Door individuele questies.' Ach, verzuchtte ze, ik had het kunnen weten. Ik wist het, ik wist dat je dit ging zeggen. Natuurlijk ja je hebt wel gelijk: de samenleving is een optelling van alle individuen, en als die individuen zich goed = sociaal gedragen dan verloopt alles een stuk beter.
Dus, zei ik, leuk en aardig maar niks apolitiek. Okee, leuk en aardig en niks apolitiek, zei ze. Heel erg politiek juist! Supersociaal = goed, heel goed, en nodig ook: heel hard nodig!

19 juni 2006

- Wat is je slechtste eigenschap?
- Eigenschappen, daar doe ik niet aan!
- Wat is je valkuil, het gedrag waar je steeds weer intuint...
- Intuint. O, terwijl je weet dat het...
- Ja, dat je het eigenlijk niet...
- Dat je het niet wilt? Dat gedrag. Juist.
- Nou?
- Gulzigheid, zou ik zeggen.
- Zou je dat zeggen, of zeg je het?
- Ik zeg het. Gulzigheid. Ja!
- Waaraan moet ik dan denken?
- Jij moet nergens aan denken!
- Waaraan denk jij dan, gulzigheid, dat is toch altijd gericht op iets.
- Op iets in de buitenwereld, ja. Je denkt, je denkt dat er iets te halen valt. Iets zeer waardevols. Maar dat denk je maar.
- Ik denk het niet. Jij denkt het, maar, waaraan moet ik denken?
- Jij moet nergens aan denken. Ik denk. Aan chocoladerepen. Of aan toneelstukken. Aan films, aan de nieuwste romans. Of oude, nooit gelezen romans. Of eerder gelezen romans die half vergeten zijn en die je dus nóg een keer kunt lezen. Aan filosofieboeken uit alle tijden. Aan musea. Aan natuurgebieden. Aan allerlei streken op de wereld. Aan Toscaanse stadjes. Aan sappige kersen. Aan gedroogde vijgen. Bananen! Pizza's. Andijviestamppot...
- Houd op, houd op! Ik moet er niet aan denken!
- Dat zei ik toch!
- Enorm gulzig inderdaad.
- Met mensen kan het ook: aardige mensen willen leren kennen enzo.
- Levenslust zou ik zeggen.
- Gulzigheid, zeg ik.
- Wat is er mis mee? Je geniet zo te horen van het leven! Mag dat niet van de stoïcijnen ofzo?
- Och, die hebben niets over mij te zeggen! Nee, het gaat om de onrust die deze gulzigheid met zich meebrengt. Genieten is fijn, maar als je tijdens het eten of lezen van het een alweer aan het volgende denkt...
- Dan is het aardig consumptief.
- Het is nooit genoeg.
- Terwijl alles genoeg is.
- En zelfs met mijn eigen plannen ben ik gulzig. Meer! Meer! Het ene afgerond, dan snel naar het volgende. Zoveel mogelijk doen!
- Erg produktief, zou ik zeggen. Creatief zelfs!
- Ja. Mooi. Prachtig. Maar ook gulzig: het is nooit genoeg.
- Midden in de nacht zit je nog een blog bij te houden.
- Zoiets ja, zulke dingen. Dat is levenslust, maar gulzigheid ligt op de loer. Een valkuil van jewelste.
- Geef me nog eens een paar van die kersen.
- Gaat niet. De zak is leeg.

18 juni 2006

Stoïcisme-humorisme.
Humorisme?
'Kijk haar nou eens. Zij Lijdt. Hoor haar eens zeuren...'
Lach eens lekker. Lach! Om jezelf.

17 juni 2006

1
Iedereen maakt fouten, en daar is op zich niets mee mis.

2
Alles en iedereen is het resultaat van een enorme reeks oorzaken en gevolgen. Botsingen tussen deeltjes. Een vrije wil kan je wel ervaren, als 'vrij' ervaren, maar die wil zwabbert niet maar wat in het rond, die wordt bepaald door die botsinkjes. Je kunt hoog springen of laag springen. Botsinkjes zijn nodig om te willen. Om wat dan ook te willen. Zelfs om 'even niets' te willen. Ook anderen hebben zo'n wil. Je kunt ze door elkaar schudden, je kunt ze uitschelden, je kunt proberen ze op andere gedachten te brengen. Ja, dat kan allemaal. Schelden en schudden. Maar of dat verstandig is? Nee dat is niet verstandig. Alleen dat laatste: proberen op andere gedachten te brengen, dat is de moeite waard. Dat lukt soms wel. (Heel soms.) Misschien draag je een idee aan waar die ander iets aan heeft. Dan vorm jij even een oorzaak met een bepaald gevolg. Maar jij kunt een ander niet veranderen, dat kan die ander alleen zelf. Je kunt hooguit wat sleutelen aan de omstandigheden waarin die ander verkeert.

15 juni 2006

--Stoïcijnen, buh, saai: die willen alle passies afschaffen, apatheia, zonder gevoel door het leven, daar lijkt me nou echt niets aan!
--Nee, maar het klopt ook helemaal niet.
--Wat niet, wat die stoïcijnen willen? Mijn idee!
--Nee, jouw idee erover klopt niet.
--Apatheia - dat is oudgrieks en het betekent 'zonder passies'!
--Dat begrip gebruiken de oude stoïcijnen zelf niet of nauwelijks.
--Maar ze zijn toch tegen passies.
--Nou, 'tegen' is een beetje raar uitgedrukt. Ze willen passies doorgronden, en gelijk hebben ze.
--Doorgronden? Wegredeneren dus.
--Misschien. Als het passies zijn waar je zelf ongelukkig van wordt, die schadelijk zijn voor je omgeving, wat is er dan tegen wegredeneren? Doorgronden wil zeggen dat je bekijkt welke (voor)oordelen achter die passies zitten.
--Een passie heeft niets met vooroordelen te maken.
--O nee? Haat, wraakgevoelens, jaloezie, hebzucht. Daar zitten oordelen achter in de trant van 'het is belangrijk iemand of iets te bezitten' of 'een ander mag niet hebben wat ik ook heb'. Aan zulke ideeën kan je gaan sleutelen. Stoïcijnen zien afgunst, woede, angst en razernij als een soort verkoudheden of diarree van 'de ziel'.
--Pfrrrrrrrrrffff!!
--Die gevoelens kunnen we toch missen als kiespijn?
--Tja.
--En dan blijven er vanzelf andere over, de 'eupathieën', dus de goede passies: opgewektheid, vrolijkheid, vriendelijkheid, oplettendheid (in plaats van angst), en wensen.
--Wensen?
--Ja, geen hevige en passieve verlangens waarmee je jezelf ongelukkig maakt, maar rustig en aktief streven naar iets.
--Iets...
--Iets, ja. Of naar heel veel.
--Heel veel wat?
--Heel veel verbeteringen.

(Met dank aan Zeno, Chrysippos e.a. uit de 3e eeuw voj en aan Diogenes Laërtius, die over deze oude knakkers zoveel heeft opgeschreven (al hun eigen boeken zijn helaas verloren gegaan) in zijn boek 'Leven en leer van beroemde filosofen' (begin 3e eeuw na het jaar nul).)

10 juni 2006

'Overgevoelig' heette het vroeger. Nu noemen ze het 'hooggevoelig'. Dat klinkt wat beter. Hoog is beter dan laag -- waarom eigenlijk? Hoog overheerst laag. Dat is nu eenmaal zo. Ik bedoel, dat is ook maar een manier van zeggen. Het gaat heus niet altijd op. Het lage kan het hoge ondermijnen. Een mol of een muskusrat. Hoewel die echt niet uit zijn op ondermijnen. Die willen gewoon lekker leven! Maar zijn ze misschien overgevoelig? Of hooggevoelig? Kunnen dieren dat zijn? Eén diersoort kan dat, dat is De Mens. Daarom is het voor mensen ook nodig om stoies te zijn. Of stoïsch, desnoods.
Er is zelfs een vereniging die zich hier druk over maakt. Terwijl het schijnt dat wel twintig procent van de mensen hooggevoelig is. Is het dan niet eerder gewoon? Kun je niet beter zeggen: twintig procent van de mensen komen er eerlijk voor uit dat ze niet stoïcijns zijn, de rest doet stoer. En wat is gevoelig? Bij een groot deel van de vragen uit de test gaat het vooral om alertheid, bij andere om gewetensvolheid, bij weer andere om een kritische geest. Je zou het die resterende tachtig procent ook zo gunnen!
Maar de hooggevoeligen heersen vast niet over de lagergevoeligen. Ik denk dat de hooggevoeligen niet van heersen houden. Het zou me niet verbazen als er veel anarchisten tussen zitten. En wat dacht je van de oude stoïcijnen? Hoe komen die op het idee om zich bezig te houden met het analyseren (en ondermijnen) van de passies? En jij, waarom ben jij nu al jaren met die Stoa-materie bezig, en wat deed jij op die website van die overgevoelig- eh, hooggevoeligen?


9 juni 2006

Geld is indifferent. Je zou het niet zeggen als je ziet hoe mensen er achteraan rennen. Wat ze er allemaal voor doen om het te krijgen, en om er nog meer van te krijgen. De romeinse stoïcijn Seneca had enorm veel geld. Geen wonder dat er een boekje bestaat dat 'Seneca voor managers' heet. Bah, 'Seneca voor managers'! Seneca vond dat rijkdom alleen goed uitpakte bij wijze mensen, die zich niet hechten aan het geld. Een voorbeeld van zo'n wijs mens is Marcus Aurelius. Hij was keizer en deed in die functie erg veel schadelijke dingen. Maar vergeleken met andere keizers was hij heel verstandig en integer. Hij schreef persoonlijke notities, een soort dagboek. Geen weblog dat door iedereen te lezen was, hij schreef het alleen om zichzelf aan te moedigen. Zachtaardig en filosofisch ingesteld zag hij zich voor de taak staan om de grenzen van het Romeinse rijk te verdedigen. Hij probeerde dapper en daadkrachtig te zijn. 'Kortom, wees een Romein', zo sprak hij zichzelf toe.
Het oude griekse stoïcisme is anarchistischer, meer gericht op soberheid. Seneca zei: 'ik vind geld niet belangrijk, daarom is het bij mij in goede handen', Zeno leefde sober. Marcus Aurelius verdedigde zijn rijk, maar Zeno en consorten hadden geen behoefte aan een rijk, waren kosmopoliet, de hele aarde was hun huis, en alle mensen waren voor hen gelijk.

8 juni 2006

Mensen zijn halsstarrig. Mensen zijn koppig. In elk geval ben jij er zoeen. Je koopt bijvoorbeeld een verkeerd treinkaartje, eentje waardoor je een stuk duurder uit bent dan nodig is, maar hierover niet getreurd want geld is indifferent. Makkelijk gezegd, het lukt je pas na een hele tijd om weer nuchter te denken. Om dat heftige gevoel, dat inwendige gewoel tot rust te krijgen. 'Shit, shit, shit! Geld kan dan wel indifferent zijn, maar waarom moet ik dan weer zo stom zijn om (zoals altijd) van alles te vergeten? Stoïcisme, leuk en aardig, maar ik baal gewoon van mezelf, strontziek word ik ervan, trouwens, geld kan dan wel indifferent zijn, maar dat is toch geen reden het over de balk te smijten, of de NS te spekken, en terugkrijgen ho maar natuurlijk, maar vooral is het zo stom, zo stom van mezelf, en ik doe elke keer weer zo stom, het wordt nooit wat met mij, ik ben gewoon nergens geschikt voor.' En zo gaat dat nog even door, laten we hier verder niet naar luisteren. Laten we hier eens wat humorisme op los laten. Want die stoïcijnen, ik weet niet of die wel zo van grapjes hielden, van lachen, van zelfspot. Maar jij kunt niet zonder, dat is een ding dat zeker is. Lach om jezelf en denk toch niet, verwacht toch niet dat je alles kunt. En veroordeel jezelf niet, dat heeft geen enkele zin. Lach omdat je ziet dat je feilbaar bent, en dat dat niet erg is, dat je een stukje van het heelal bent dat af en toe niet strookt met de rest, maar daar toch helemaal bij hoort. Denk toch niet dat je smetteloos door het leven kunt fietsen, zonder haperingen. Lach, ja lach om dat 'verloren' geld, en lach om degene die zich net nog daarover zo druk maakte.