Het Lantaarntje

Ischnura elegans


Het lantaarntje is de algemeenste libellensoort van het land en tevens de soort met de meeste kleurvormen. Voor de dvd 'Libellen in Nederland' hebben we veel kleurvormen opgenomen en die worden hier getoond, aangevuld met foto's uit het archief van waarneming.nl.

Het lantaarntje heet naar het meestal blauwe segment 8 van het overigens op de rug zwarte achterlijf. Het verschil tussen mannetjes en vrouwtjes is niet altijd direct te zien (vrouwtjes hebben een eilegapparaat onder segment 8/9, mannetjes hebben een geslachtsdeel onder segment 2), maar op foto's zal altijd de tekening op segment 2 te zien zijn. Bij de vrouwtjes is dat een donkere figuur met het breedste deel ongeveer aan de staartzijde, bij de mannetjes zit het breedste juist aan de kopzijde. Op het borststuk zit bovenop een zwart zadel, daaronder zit de lichte schouderstreep (antehumeraalstreep) en daaronder de donkere schoudernaadstreep (humeraalstreep). Deze laatste streep ontbreekt bij een paar kleurvormen van de vrouwtjes, of is niet zwart maar oranjig, of is smal, of iets daartussenin.

Bij de foto's hieronder staan steeds drie of vier foto's onder elkaar van verschillende leeftijden van een bepaalde kleurvorm. Ik heb de foto's geroteerd zodat er soms vertekening ontstaat, maar het gaat hier puur om de kleuren. Van de vrouwtjes bestaan er nogal wat vormen. Volgens De Veldgids van Frank Bos en Marcel Wasscher gaat de rode vorm (rufescens; dat betekent 'rood wordend') over in de vorm infuscans obsoleta (infuscans = bruin wordend, obsoleta = versleten), maar ik kan daar nog niet genoeg foto's van vinden. De violette vorm (violacea) is een jeugdvorm die overgaat in de gewone vorm (typica) of in infuscans. Ook van dat laatste heb ik (nog) geen foto's gevonden. Maar misschien kijk ik niet goed.

'Forma' is overigens een term zonder duidelijke basis. Het is vreemd om een jeugdkleur een aparte naam te geven, dan zou je sommige leden van Homo sapiens ook 'forma kleuterschool' kunnen noemen! Eigenlijk moet je alleen de eindvormen een naam geven, dat zijn er drie. Maar alle foto's hieronder passen nog niet in dit schema...
A: Typica, dezelfde kleur als de mannetjes, jeugdkleur violet.
B: Infuscans, olijfgroen borststuk met bruin lantaarntje, jeugdkleur violet.
C: Infuscans obsoleta, geen zwarte schoudernaadstreep, lantaarntje bruin, jeugdkleur rood, oranje of geel.

vrouwtje forma typica

mannetje

[foto] [foto]
alle jonge juffers vertonen een fletsbruine kleurzeer jong mannetje, uur ouder dan vrouwtje links


[foto] [foto]
vrouwtjes worden groenigjonge mannetjes zijn gelig met fletsblauw


[foto] [foto]
borststuk wordt vervolgens groenblauwmannetjes worden vervolgens groenig met blauw


[foto] [foto]
borststuk kan ook blauw wordenuitgekleurde mannetjes zijn blauw


vrouwtje forma rufescens

vrouwtje forma violacea

[foto] [foto]
borststuk eerst oranje, lantaarntje violet; geen zwarte schoudernaadstreepbij deze vorm zijn de lichte delen violet


[foto] [foto]
het oranje wordt roder, lantaarntje wordt blauwhet violet wordt blauw


[foto] [foto]
donkerrood met blauwzodat forma typica ontstaat; hier al bijna het geval


vrouwtje forma infuscans obsoleta

vrouwtje forma infuscans

[foto] [foto]
lichte delen gelig; geen zwarte schoudernaadstreeplichte delen groenig, zwarte schoudernaadstreep


[foto] [foto]
donkerder gewordenlichte delen bruinig, blauwe oogvlekken


[foto] [foto]
nog donkerder; lantaarntje deels zwart en zeer donkerhet lantaarntje kan zeer donker worden; hier deels blauw (afwijkend)


extra plaatjes

extra plaatjes

[foto] [foto]
het lantaarntje bevat wat zwart (hier bij rufescens)oude infuscans zonder blauwe oogvlekken?





naar andere soorten